Terug naar hoofdinhoud
Gedragstherapie voor honden

Impulscontrole... Handig of?

Wel als je het juist gebruikt!

"Een hond die zich inhoudt

Is niet automatisch een hond die zich beter voelt

“Laat hem maar zitten.”

“Hij moet leren zich te beheersen.”

“Je moet zijn aandacht bij jou houden.”

“Hij weet best wat hij moet doen.”

Het zijn adviezen die ik nog regelmatig hoor wanneer een hond uitvalt aan de lijn. En ergens klinkt het ook logisch.

Een hond die netjes naast je zit, kan immers niet tegelijkertijd met volle vaart naar die andere hond toe. Een hond die jou aankijkt, kijkt niet naar de fietser waar hij normaal gesproken tegen blaft. En een hond die wacht op jouw toestemming, lijkt op dat moment keurig onder controle.

Probleem opgelost?

Niet helemaal.

Want we kijken dan vooral naar wat de hond doet.

En veel te weinig naar wat hij voelt.

Dat verschil is belangrijk. Heel belangrijk zelfs.

Impulscontrole is op zichzelf helemaal niet verkeerd

Laat ik daar eerst duidelijk over zijn.

Impulscontrole is niet slecht.

Sterker nog: in het dagelijks leven zijn er ontzettend veel situaties waarin het handig is dat een hond geleerd heeft om niet onmiddellijk te handelen naar iedere impuls.

Even wachten voordat de autodeur opengaat. Niet direct op het eten duiken wanneer je de voerbak neerzet. Niet tegen het aanrecht opspringen omdat daar iets lekkers ligt. Niet als een projectiel door de voordeur schieten zodra die opengaat.

Allemaal vaardigheden die het samenleven met een hond makkelijker en soms ook veiliger maken.

Daar is helemaal niets mis mee.

Het probleem ontstaat wanneer we impulscontrole gaan gebruiken als oplossing voor gedrag dat wordt aangestuurd door een sterke emotie.

Want gedrag kunnen onderdrukken is niet hetzelfde als een emotie veranderen.

En precies daar gaat het bij bijvoorbeeld uitvallende honden regelmatig mis.

Alleen veranderen wat je ziet is niet voldoende

Je hond heeft veel meer nodig. Verander wat hij voelt!

Een uitvallende hond
Als voorbeeld

Je loopt buiten en in de verte verschijnt een andere hond.

Jouw hond ziet hem.

Zijn lichaam verandert.

Misschien verstijft hij een beetje. Zijn mond gaat dicht. Zijn gewicht verplaatst zich naar voren of juist naar achteren. Hij gaat staren. Misschien versnelt zijn ademhaling of zie je kleine signalen van spanning die gemakkelijk gemist worden.

En als de afstand kleiner wordt, volgt uiteindelijk het gedrag dat niemand wil:

Blaffen. Trekken. Grommen. Springen. In de lijn hangen.

We noemen dat vervolgens het probleem.

Maar dat uitvallen is slechts het deel dat wij aan de buitenkant kunnen zien.

Daaronder gebeurt veel meer.

Misschien is je hond bang voor andere honden. Misschien voelt hij zich bedreigd. Misschien heeft hij geleerd dat andere honden onvoorspelbaar zijn. Misschien raakt hij gefrustreerd omdat hij ergens naartoe wil en dat door de lijn niet kan. Misschien spelen pijn, lichamelijk ongemak of een hoge dagelijkse stressbelasting mee.

En vaak is het geen simpel verhaal met één oorzaak.

Het gedrag dat je ziet is het eindresultaat van wat er op dat moment in die hond gebeurt.

En dan vragen we hem te gaan zitten

Je hond ziet die andere hond en de spanning loopt op.

“Zit.”

Misschien doet hij het nog ook.

Dat kan er prachtig uitzien.

Kijk eens: hij valt niet uit.

Maar wat hebben we daarmee daadwerkelijk veranderd?De andere hond is er nog steeds. De emotie is er nog steeds. De spanning in het lichaam is er nog steeds.

Alleen hebben we een extra opdracht toegevoegd: blijf zitten terwijl je dit allemaal ervaart.

Voor sommige honden maakt dat de situatie juist moeilijker. Ze kunnen geen afstand nemen, mogen niet bewegen en krijgen minder mogelijkheden om zelf met de situatie om te gaan.

We hebben dan misschien het zichtbare gedrag tijdelijk onder controle, maar daarmee hebben we het onderliggende probleem niet opgelost.

Een hond kan stilzitten en zich verschrikkelijk voelen. Een hond kan naar jou kijken en ondertussen ontzettend gespannen zijn. Een hond kan een voertje aannemen terwijl hij de situatie nog steeds moeilijk vindt. En een hond kan keurig gedrag laten zien zonder dat er emotioneel ook maar iets ten goede veranderd is.

Gehoorzaamheid is geen graadmeter voor emotioneel welzijn.

Zelfbeheersing
Dat kost iets...

Daar komt nog iets bij.

Jezelf beheersen kost inspanning.
Dat kennen wij zelf ook.

Wanneer je ontspannen bent, goed hebt geslapen en verder weinig aan je hoofd hebt, kun je waarschijnlijk behoorlijk wat hebben. Maar probeer diezelfde zelfbeheersing eens op te brengen wanneer je moe bent, al uren onder druk staat en vervolgens ook nog geconfronteerd wordt met iets waar je enorm van schrikt.

Dan wordt het ineens een stuk lastiger.

Bij honden is dat niet anders.

Een hond die al een hoge stressbelasting heeft, lichamelijk ongemak ervaart of meerdere moeilijke situaties achter elkaar heeft meegemaakt, heeft minder ruimte over om óók nog allerlei aangeleerde vaardigheden in te zetten.

En toch verwachten we dat vaak wel.

Niet uitvallen.
Netjes zitten.
Naar mij kijken.
Niet trekken.
Voertje aannemen.
Doorlopen.

Terwijl wij ondertussen vergeten onszelf de belangrijkste vraag te stellen:

Kan deze hond dit op dit moment eigenlijk wel aan?

“Maar hij kan het wel, want thuis doet hij het perfect”

Dat hoor ik regelmatig.

En juist dat laat mooi zien dat gedrag altijd afhankelijk is van de omstandigheden.

Een hond die thuis in de woonkamer moeiteloos kan zitten, wachten of oogcontact kan maken, heeft daarmee niet automatisch geleerd om dat ook te kunnen terwijl er op vijf meter afstand iets staat waar hij bang voor is.

De oefening is misschien hetzelfde. De omstandigheden zijn dat absoluut niet.

Vergelijk het met iemand die thuis aan de keukentafel prima een ingewikkelde rekensom kan maken. Zet diezelfde persoon vervolgens midden op een snelweg met vrachtwagens die langs hem razen en vraag hem dezelfde som op te lossen.

Wanneer dat niet lukt, is hij de rekensom niet ineens vergeten.

Zijn brein heeft op dat moment gewoon andere prioriteiten.

Bij een hond die hoog in spanning zit, gebeurt iets vergelijkbaars.

Het brein is bezig met veiligheid
Er zijn dus hele andere prioriteiten

Wanneer een hond een situatie als bedreigend ervaart, worden processen geactiveerd die gericht zijn op veiligheid en overleving.

Afstand creëren. Vluchten. Verstijven. Dreigen. Aanvallen.

Dat zijn geen weloverwogen beslissingen waarbij een hond rustig alle beschikbare opties naast elkaar legt en vervolgens denkt: Ik weet dat Patricia liever heeft dat ik nu ga zitten, maar ik kies vandaag toch voor blaffen.

Het lichaam reageert. En hoe hoger de spanning oploopt, hoe moeilijker het wordt om informatie rustig te verwerken en bewust aangeleerde vaardigheden in te zetten. Dat betekent niet dat een hond helemaal niets meer kan leren zodra hij een beetje spanning ervaart. Zo zwart-wit werkt het natuurlijk ook niet. Maar er zit wel degelijk een grens aan wat een hond op een bepaald moment kan verwerken. En daar zouden we veel meer rekening mee mogen houden.

Onderdrukken is iets anders dan oplossen

Dit is misschien wel het belangrijkste onderscheid.

Wanneer je met impulscontrole voorkomt dat een hond uitvalt, kun je het gedrag tijdelijk veranderen.

Maar daarmee heb je nog niet automatisch veranderd waarom de hond wilde uitvallen.

Stel dat jouw hond andere honden spannend vindt.

Hij ziet een hond op tien meter afstand en wil afstand creëren. Jij vraagt hem te zitten en hij heeft geleerd dat hij dat commando niet mag verbreken.

Dus hij blijft zitten.

Van buitenaf ziet dat er keurig uit.

Maar als hij ondertussen met een gespannen lijf naar die hond kijkt en alleen maar wacht tot de situatie voorbij is, hebben we hem niet geleerd:

Andere honden zijn oké.

We hebben hem geleerd:

Als er een andere hond verschijnt, moet ik hier blijven zitten.

Dat zijn twee totaal verschillende dingen.

En juist daarom moeten we voorzichtig zijn met uitspraken als:

“Zie je wel? Hij kan het prima.”

Misschien kan hij het inderdaad.

De veel belangrijkere vraag is:

Hoe voelt hij zich terwijl hij het doet?

Het doel?
Niet een hond die zich enkel kan inhouden

Wanneer ik werk met een hond die uitvalt, is mijn uiteindelijke doel niet dat hij steeds beter wordt in het onderdrukken van zijn reactie.

Ik wil begrijpen waarom die reactie ontstaat. Wat maakt deze situatie moeilijk? Op welke afstand begint de spanning? Welke signalen laat de hond zien vóórdat hij uitvalt? Hoe hoog is zijn algemene stressbelasting? Krijgt hij voldoende rust en herstel? Zijn er lichamelijke factoren die invloed kunnen hebben? Welke eerdere ervaringen spelen mee?

En vooral:

Wat heeft deze individuele hond nodig om zich in deze situatie daadwerkelijk veiliger te gaan voelen?

Pas wanneer we dat begrijpen, kunnen we gericht gaan werken aan verandering.

Maar wat moet je dan wel doen?

En hier wordt het misschien minder aantrekkelijk dan de snelle tip op social media. Want er bestaat geen universeel commando waarmee je uitvalgedrag oplost. Soms is de eerste stap simpelweg meer afstand nemen. Een andere route kiezen. Een boog lopen. Omdraaien. Niet iedere hondenontmoeting aangaan.

Een tijdje bewust rustiger wandelen. Dat is geen mislukte training. Dat is management. Je voorkomt dat je hond telkens opnieuw zo hoog in spanning komt dat hij alleen nog maar kan reageren. Van daaruit kun je gaan kijken waar de hond nog wel ruimte heeft om informatie te verwerken. Misschien ziet hij op vijftig meter afstand een andere hond en kan hij daar nog ontspannen snuffelen.

Mooi.

Dan heb je een uitgangspunt.

Niet omdat hij op vijftig meter keurig kan zitten. Maar omdat hij op vijftig meter misschien nog naar die hond kan kijken zonder dat zijn hele systeem op scherp staat.

Daar begint leren.

Eerst emotie
Dan gedrag...

Dat betekent niet dat je moet wachten tot een hond nooit meer ergens spanning van ervaart voordat je kunt trainen. Het betekent wel dat je training zo moet vormgeven dat de hond niet voortdurend overspoeld wordt. Je zoekt naar omstandigheden waarin hij de situatie kan waarnemen en nog voldoende ruimte heeft om andere informatie op te nemen. Vervolgens kun je stap voor stap nieuwe ervaringen opbouwen.

Niet:

Andere hond = ik moet mezelf beheersen.

Maar bijvoorbeeld:

Andere hond = er gebeurt niets vervelends.

Andere hond = ik krijg ruimte.

Andere hond = mijn eigenaar helpt mij.

Andere hond = ik mag afstand nemen.

Andere hond = misschien hoef ik hier uiteindelijk helemaal niets mee.

En juist daardoor kan er op termijn iets veel waardevollers ontstaan dan gehoorzaamheid. Een andere emotionele reactie.

Betekent dit dat je nooit iets van je hond mag vragen?

Natuurlijk niet.

Ook dat zou veel te zwart-wit zijn.

Aangeleerde vaardigheden kunnen ontzettend waardevol zijn. Een hond die geleerd heeft met je mee te bewegen, om te draaien, contact te maken of op een bepaald signaal afstand te nemen, kan daar juist veel steun aan hebben.

Maar dan gebruiken we die vaardigheden om de hond te helpen.

Niet om hem op zijn plek te houden terwijl hij eigenlijk allang aangeeft dat de situatie te moeilijk is.

Dat verschil lijkt misschien klein.

In de praktijk is het enorm.

Het ene zegt:

Beheers je.

Het andere zegt:

Ik zie dat dit moeilijk voor je is. Kom, we gaan je helpen.

Verder kijken
Dan het gedrag wat je wil stoppen

Wij mensen zijn ontzettend gericht op zichtbaar gedrag. De hond blaft. Dus het blaffen moet stoppen. De hond trekt. Dus het trekken moet stoppen. De hond springt in de lijn. Dus hij moet leren rustig te blijven.

Begrijpelijk. Zeker wanneer gedrag lastig, gênant of zelfs gevaarlijk wordt.

Maar als we alleen bezig zijn met het stoppen van wat we zien, lopen we het risico dat we precies datgene missen wat we nodig hebben om het gedrag duurzaam te veranderen.

Want uitvallen is geen losstaand kunstje dat een hond heeft aangeleerd en dat we simpelweg kunnen vervangen door “zit”.

Het is informatie. Het vertelt ons dat er ergens iets gebeurt waardoor deze hond op dit moment niet anders met de situatie om kan gaan. En daarr moeten we naar kijken.

Tot slot

Een rustige hond is niet hetzelfde als een hond die zich rustig voelt

Impulscontrole heeft absoluut een plek in het leven met een hond.

Wachten bij de deur? Prima.

Even blijven staan voordat je de straat oversteekt? Handig.

Niet met vier poten op het aanrecht springen omdat daar een broodje kaas ligt? Daar valt zeker iets voor te zeggen.

Maar impulscontrole is geen behandeling voor angst, onzekerheid, frustratie of chronische stress. Wanneer een hond uitvalt, wil ik daarom niet als eerste weten:

Hoe krijgen we hem stil?

Ik wil weten:

Waarom heeft hij het nodig om dit gedrag te laten zien?

Want pas wanneer je daar antwoord op krijgt, kun je werkelijk iets veranderen. Niet alleen aan wat je aan de buitenkant ziet. Maar juist aan wat er aan de binnenkant gebeurt. En uiteindelijk is dat toch wat we willen. Niet een hond die geleerd heeft zijn spanning beter te verbergen.

Maar een hond die steeds minder reden heeft om zo gespannen te zijn.

Drie pakketten

Dogability

vanaf 49,95

  • Agressieve hond
  • Hond aan de lijn
  • Bijtincidenten
  • Angstige hond
  • Vernielzucht
  • Hyperactieve hond
  • Eten van vreemde voorwerpen
  • Hinderlijk blaffen
  • Verdedigingen van voer
  • Andere problemen

Childability

vanaf 39,95

  • Hond en kind
  • Baby op komst

Online cursus

vanaf 59,95

Wil jij met je hond:
  • Een goeie start
  • Weten dat je niet alleen bent als je tegen problemen aan loopt
  • Ergens op terug kunnen vallen
  • Weten wat je naast tijd en liefde nog meer nodig bent?
  • Met meer kennis beginnen aan jullie nieuwe avontuur?

Reviews

Miranda Venema de Vries

Patricia is allereerst een top vrouw! Ze helpt ons als gezin (met 2 honden) om zo goed mogelijk voorbereid te zijn op de komst van ons eerste kindje en dit geeft ons ontzettend veel rust. Ze geeft fijne tips en tricks die wij vervolgens in de praktijk kunnen oefenen. Ze helpt op de manier wat voor ons passend en prettig is. Echt een aanrader dus!

Masja Zwart

Erg leuk én leerzaam om samen met mijn hond te leren speuren. Patricia leert je bijna spelenderwijs anders naar je hond kijken, en samen op een positieve manier bezig zijn. Aanrader!

Ivonne van Dijk

We zijn met beide honden tegelijk gestart bij Patricia en wat is het fijn hoe duidelijk ze ziet wat er speelt en wat de honden nodig hebben om zich op hun best te voelen. Met ons angstige hondje zitten we in een traject om o.a. zijn emmertje steeds weer goed te legen en niet over te laten lopen en met de andere werken we vooral aan onze band en zijn we gaan speuren. Geweldig om je hond zó blij te zien! En aan de manier waarop ze reageert op Patricia (super enthousiast en vol vertrouwen) zie je hoe positief en liefdevol ze te werk gaat. Patricia reageert altijd snel, is helder en rustig en leert je goed je hond te lezen en te begrijpen. Ook wanneer je dacht dat je dat al best goed kunt, zul je merken hoeveel méér er nog te zien is. Ik heb ontzettend veel zin om nog vele leerzame en leuke lessen te volgen!